Home » BLIJF OP DE HOOGTE » INZETBAARHEIDSBEVORDERENDE MAATREGELEN VANAF 1 APRIL 2025
29.04.2025

INZETBAARHEIDSBEVORDERENDE MAATREGELEN VANAF 1 APRIL 2025

Sinds 1 april 2025 komen bepaalde ontslagen werknemers in aanmerking voor inzetbaarheidsbevorderende maatregelen.

Een werknemer die door zijn werkgever wordt ontslagen en die op het moment van ontslag recht heeft op een opzegtermijn of vergoeding van minstens 30 weken, kan voortaan aanspraak maken op een eenmalig forfaitair budget van 1.800 € om inzetbaarheidsbevorderende maatregelen te volgen en te financieren.

1. Wat zijn de inzetbaarheidsbevorderende maatregelen?

De inzetbaarheidsbevorderende maatregelen zijn bedoeld om werknemers te helpen zo snel mogelijk een nieuwe job te vinden of als zelfstandige aan de slag te gaan. Ze vormen een aanvulling op de algemene regeling van outplacement.

Voorbeelden (niet-limitatief):

  • Bijkomend outplacement bovenop het reeds bestaande recht
  • Coaching
  • Loopbaanbegeleiding
  • Opleiding of omscholing erkend door de bevoegde autoriteiten

2. Wie heeft er recht op deze maatregelen?

Alle werknemers die worden ontslagen met een opzegtermijn of -vergoeding van minstens 30 weken.

Uitzonderingen:

  • Werknemers die zelf ontslag nemen
  • Beëindiging in onderling akkoord
  • Beëindiging wegens medische overmacht
  • Einde van een arbeidsovereenkomst van bepaalde duur
  • Beëindiging in het kader van een herstructurering waarbij de werknemer is ingeschreven bij een tewerkstellingscel

Vanaf het begin van de opzegtermijn heeft de werknemer recht op afwezigheid met behoud van loon om de maatregelen te volgen. Bij ontslag met opzegvergoeding moet de werknemer zich beschikbaar stellen.

3. Hoe wordt het budget van 1.800 € gefinancierd?

Via werkgeversbijdragen op een deel van het loon tijdens de opzegtermijn of op de opzegvergoeding. De RSZ houdt dit bedrag in en stort het door naar de RVA.

4. Wie moet de kosten voorschieten?

De werkgever, werknemer of professionele dienstverlener kan de kosten dragen en deze vervolgens terugvorderen van de RVA.

5. Terugvorderingsprocedure

De terugbetaling door de RVA is beperkt tot kosten gemaakt binnen een bepaalde periode:

  • Bij opzegtermijn: tot de laatste dag van het tweede kwartaal volgend op het kwartaal waarin de opzegtermijn eindigt.
  • Bij opzegvergoeding: tot de laatste dag van het tweede kwartaal volgend op het kwartaal waarin de periode gedekt door de vergoeding eindigt.

De aanvraag gebeurt via een formulier van de RVA en moet uiterlijk op de laatste dag van het derde kwartaal volgend op de einddatum worden ingediend.

Voorbeelden:

Ontslag met opzegvergoeding:

  • Ontslag op 5 mei 2025
  • Periode eindigt op 30 november 2025
  • Maatregelen te volgen tussen 6 mei 2025 en 30 juni 2026
  • Aanvraag uiterlijk op 30 september 2026

Ontslag met opzegtermijn:

  • Opzegtermijn van 32 weken vanaf 5 mei 2025
  • Eindigt op 14 december 2025
  • Maatregelen te volgen tussen 6 mei 2025 en 30 juni 2026
  • Aanvraag uiterlijk op 30 september 2026

Een onvolledige aanvraag wordt teruggestuurd. De aanvrager krijgt één maand om ontbrekende documenten aan te vullen.

6. Inwerkingtreding en impact op de werkgever

De maatregelen gelden voor ontslagen vanaf 1 april 2025. De werkgever kan de kosten voorschieten, maar is daartoe niet verplicht. Bij een opzegtermijn moet de werkgever loon betalen voor de dagen van afwezigheid.

7. Praktisch

De werkgever dient de terugbetalingsaanvraag in bij de RVA indien hij de kosten heeft voorgeschoten.

Vragen?
Neem contact op met de juridische dienst via legal@ssn.be.